2009-12-16 In Memoriam: Reserve Kapitein Jef Scheffers
In Memoriam:
Reserve Kapitein Jef Scheffers
OUDSTE LIMBURGSE JAGER OOIT OVERLEDEN
Op 16 december jl is overleden in de leeftijd van 103 jaar de Oudste Limburgse Jager, de Reserve Kapitein Jef Scheffers uit Maastricht Kapitein Scheffers is geboren op 28 januari 1906 in Beek.
Kapitein Scheffers heeft voor de Tweede wereldoorlog gediend bij het Landstormkorps Limburgsche Jagers en is in 1950 ingelijfd bij ons Regiment. In de Limburgse Jager van december 2006 is een artikel geplaatst ter gelegenheid van het bereiken van de 100ste levensjaar Hij wordt aanstaande dinsdag 22 december begraven, na de plechtige uitvaartmis om 11.00 in de Parochiekerk St Pieter Boven in Maastricht aan de Ursilinenweg.
Dat hij moge rusten in vrede.
100 Jaar , Een Limburgse Jager van het eerste uur, Reserve Kapitein der Limburgse Jagers Scheffers
Voor een tweede maal, na wijlen overste van Oorschot in 1997, mag het regiment een 100 jarige feliciteren. Weliswaar wat later dan zijn verjaardag viel, 28 januari 2006, maar dat kwam omdat eerst in mei jl we door de oud stadsarchivaris van Maastricht Toon Jenniskens hiervan op de hoogte gesteld. De heer Jef Scheffers uit Maastricht mag zich met recht de oudste Limburgse Jager noemen en was dat waarschijnlijk al vele jaren voordien.
Op 25 september 1922 trad Scheffers op 16 jarige leeftijd toe tot het Landstormverband Limburgsche Jagers. Daarmee maakte hij gebruik van de toen bestaande mogelijkheid de dienstplicht tijdens de vakanties van zijn middelbare school (HBS) en nadien van de Amsterdamse Kunstacademie te vervullen. Dat deed hij van 1922 tot 1927. Hij werd bij de Landstorm bestemd voor de Infanterie en werd ingedeeld bij de compagnie van het Landstormverband in Maastricht. In 1923 werd hij tot korporaal en in 1925 tot sergeant-titulair bevorderd. Uit zijn herinnering komt naar voren dat zijn opleiding begon op de Frederik Hendrik kazerne in Venlo en op de eerste dag werd gelijk begonnen met handgranaat gooien !! En lopen van hot naar her. Van de kazerne naar de Venloose heide om te schieten, handgranaat gooien of te pionieren . Lopen en nog eens lopen, met volle uitrusting, helm, gasmasker, patroontassen, broodzak, ransel, geweer en later pistool, en als officier het kompas Brezard, fluit, kaartentas. Kortom gelijk een kerstboom opgetuigd.
In zijn Amsterdamse tijd in opleiding op de Kunstacademie bleef hij zijn vorming volgen op de toenmalige Oranje Nassau kazerne aldaar en hij vertelt dat men in de tram heel vreemd, soms vijandig, keek als hij in uniform instapte. Het leger was in die dagen niet bijster populair en zeker niet in Amsterdam.
En zo met die korte opkomsten gedurende de vakanties en soms ook weekenden, werd hij na in 1926 te zijn ingedeeld bij het Maastrichtse 13e Regiment Infanterie op 20 juli 1927 ontheven van zijn verbintenis bij het Landstormverband en op 19 oktober van dat jaar bevorderd tot vaandrig..Terug in Maastricht inmiddels werkzaam als docent handmatig tekenen en schilderen aan de Middelbare Kunst Nijverheidsschool en zoals dat toen heette voor zijn nummer klaar was met het vervullen van zijn militaire dienst werd hij, benoemd per 1 januari 1929 als Reserve Tweede-Luitenant bij het 13 Regiment.
En in
die Reserve Officiers status volgen weer vele korte dienstverbanden van vier dagen tot een week in de jaren 1933 ( benoemd tot Reserve Eerste Luitenant), 1934, 1935 (het jaar dat hij tevens tot directeur van de Middelbare Kunstnijverheidsschool werd benoemd) , 1936, 1937,en 1938 (de eerste mobilisatie na de inval van Nazi - Duitsland in Oostenrijk en Tjecho- Slowakije) welke laatste periode werd vervuld in Meijel in de Peel, waar hij gelukkig bij een schilderes werd ingekwartierd en zo zijn vakgebied kon delen. Camouflage officier bij de Lichte Divisie werd zijn functie, een schilder, die zijn kunstzinnige kwaliteiten inbrengt om de soldaten goed te verbergen. En dat werkte wel in de meidagen van 1940, hoewel de Duitse tegenstander door spionage voor de oorlog uitbrak, zeer goed op de hoogte was van onze stellingen.
Gedemobiliseerd keerde Luitenant Scheffers terug naar zijn Maastricht. Om na de oorlog weer de Reserve officier status terug te krijgen en te worden bevorderd tot Reserve Kapitein en in 1950 ingelijfd te worden bij het Regiment Limburgse Jagers. Kort daarop werd hij op eigen verzoek uit de militaire dienst ontslagen . Hij vervulde sinds 1935 de functie van directeur van de Middelbare Kunst Nijverheids school te Maastricht tot zijn pensionering in 1972.
Als kunstenaar debuteert hij in 1929met Pie Coenen, Jan en Mathieu Hul, Paul Kromjong, Hub Levigne en Henri Schoonbrood in het Stedelijk Museum in Maastricht, op de tentoonstelling Zeven Limburgsche Jongeren. In 1931 dingt Jef Scheffers mee naar de Prix de Rome en wint de zilveren medaille. Scheffers krijgt aan het einde van de jaren twintig grote bewondering voor de in 1916 overleden Vlaamse kunstenaar Rik Wouters, een bewondering die als rode draad door zijn gehele oeuvre heen loopt. Zijn glas in loodramen sluiten wat betreft kleur en lijnvoering aan bij de benadering van deze materie die de naam Limburgse school voor monumentale kunst verdient.
Kunstenaar en Officier Scheffers is de “menselijke” verbinding tussen twee eenheden die de naam Limburgse Jagers dragen, Het Landstormkorps en ons Huidige Regiment.
Reserve Kapitein Jef Scheppers overleed op 16 december 2009 op 103 jarige leeftijd.
